Breda Nassaustad

Design in de Hofhuizen



De aanwezigheid van de Nassaus met hun hof in Breda had een enorme impact op de stad. Verschillende adellijke families (minder machtig dan de Nassaus, maar belangrijk genoeg om lokaal een belangrijke positie in te nemen) lieten adellijke woningen of zogenaamde hofhuizen bouwen en richtten grafmonumenten op in de Grote Kerk om hun status te onderstrepen. De hofhuizen kenden veel gemeenschappelijke kenmerken. De term slaat zowel op het feit dat het pand in handen was van personen die in hofkringen verkeerden als op de aanwezigheid van een hof (een 'pleijn') als ruimtelijk element. Een typisch hofhuis had een binnenplaats of hof die vanaf de straat toegankelijk was via een brede toegangspoort.


Tijdens de Nassaudag is een aantal hofhuizen en plekken die belangrijk waren tijdens de Nassau-dagen te bezoeken. Op die bijzondere plekken worden verleden en heden met elkaar verbonden: op elke plek geniet je van de rijke historie én van kleine tentoonstellingen van hedendaagse vormgevers en kunstenaars. Want niet alleen hebben de Nassaus met hun vraag naar mooie objecten en interieurafwerkingen voor hun huizen en hun entourage effect gehad op de economie, ook is toen de kiem gelegd voor een bloeiend klimaat voor kunstenaars en vormgevers.


Je komt ze tegen op de volgende locaties:
Huis van Héraugière, Catharinastraat 91
Koetshuis van Héraugière, Kapucijnenhof
Het Begijnhof, Catharinastraat
Waalse Kerk, Catharinastraat
Huis Wijngaerde, Catharinastraat 9
Hofhuis van Aalst, Catharinastraat 14
Willem Merkxtuin, Catharinastraat
Lutherse Kerk, Veemarktstraat 11 en ingang Stadserf
Bisschoppelijk paleis, Veemarktstraat 46
Achter Justinus van Nassau, Cingelstraat 30
Voormalige Vishal, Haven 21


Locatie: hofhuizen
Tijd: 13.00 - 17.00 uur

Huis van Héraugière

Het Huis van Héraugière bestaat uit een zestal hofhuizen: twee panden zijn gelegen aan de Catharinastraat, drie panden liggen aan het binnenhof en als zesde pand het vrij gelegen koetshuis.

Het werd omstreeks 1450 gebouwd, deels op de funderingen van een uit 1380 daterende stadsboerderij, door de Heer van Ypelaer. Zijn huidige naam dankt het echter aan Charles de Héraugière, die het in 1597 kreeg als beloning voor zijn grote verdienste als commandant van het Turfschip, dat in 1590 de bevrijding van de Spaanse overheersing inleidde.
In de eerste helft van de zeventiende eeuw diende het huis als klooster voor de Kapucijner Orde. Rond 1800 werd de voorgevel voorzien van modieus stucwerk. Na een groot deel van de twintigste eeuw dienst te hebben gedaan als kantoor (rijksbelastingen en accijnzen) en zelfs als discotheek (Spock) werd het huis ingrijpend gerenoveerd nadat het eind jaren negentig de status van rijksmonument kreeg.

In het huis aan de Catharinastraat 91 zijn de lichtsculpturen van Penney Rombouts (Loot atelier) te zien. In haar werk zijn de fascinatie voor vergankelijkheid en kwetsbaarheid van het leven belangrijke inspiratiebronnen. Zij zoekt in haar manier van vormgeven naar een verband tussen de technische vormgeving van het menselijke lichaam en industriële vormen. Rombouts studeerde in 2004 af aan de Kunstacademie St. Joost.
www.lootatelier.nl
Catharinastraat 91

Huis van Héraugière, koetshuis

Voor een andere bijzondere tentoonstelling in het Huis van Héraugière, breng je een bezoek aan het Koetshuis, waar de sieraden van Mariëtte van der Wolf te zien zijn. Sieraden zijn instrumenten bij een ontmoeting en alle soms tegenstrijdige emoties die bij het ontmoeten horen: de nieuwsgierigheid, de angst, de spanning, de kwetsbaarheid en agressie van het ontmoeten worden in haar werkstukken verbeeld en aangeraakt. De sieraden van Mariëtte van der Wolf zijn niet altijd wat ze lijken te zijn.
www.mariettevanderwolf.nl
Kapucijnenhof 38

Het Begijnhof

Toen Hendrik begon aan zijn de uitbreiding van zijn kasteel, lag het Begijnhof, destijds gelegen aan het hof van het Valkenberg/Kasteelplein daarvoor in de weg en vormde in oorlogstijd bovendien een zwakke plek in de verdediging van het kasteel. Als nieuwe locatie bood hij de Bredase begijnen de locatie achter de Wendelinuskapel aan. Die was immers, net als de kapel, eigendom van de Nassaus. De begijnengemeenschap, die met hun oude hof ook hun eigen stenen kerk moest achterlaten, kreeg de Wendelinuskapel erbij. Deze kapel - in 1440 voltooid ter ere van de heilige Wendelinus, een pestheilige en herderspatroon van Schotse of Ierse komaf die in de omgeving van Trier vereerd werd - werd gesticht door Johanna van Polanen, echtgenote van graaf Engelbrecht I van Nassau. In juli 1535 vestigden de eerste begijnen zich in hun nieuwe hof.

Op verschillende plekken in het Begijnhof bekijk je onderdelen van de eindexamententoonstelling van de Prinsentuin. In het begijnhof zijn mozaïeken te zien, bij de kapel bekijk je de bruidsaankleding. In de begijnenzaal staan tafels gedekt met prachtige bloemdecoraties en op het zijveld staan objecten.
De expositie 'Heftige Vrouwen' is in het Poortgebouw te bezichtigen.
Catharinastraat 45

Waalse Kerk

Nadat de begijnen beschikking kregen over de Wendelinuskapel, hebben zij bijzonder hun best gedaan om van de kapel een eigen Catharinakerk te maken. Sinds de Vrede van Munster in 1648 moesten de begijnen het kerkgebouw afstaan aan de Waalse gemeente. In 1649 kreeg de kerk een eigen ingang aan de Catharinastraat en werd de oorspronkelijke toegang dichtgemetseld. Misschien leefden de begijnen in de veronderstelling dat deze deur binnen afzienbare tijd weer voor hen open zou gaan.

De tentoonstelling 'Heden en verleden' toont een overzicht van zestig jaar lang gepassioneerd schilderen van An Henkelman-Lockefeer. De tentoonstelling laat de ontwikkeling van de kunstenares zien via een bonte verzameling tekeningen en schilderijen, die in de loop der jaren een steeds abstracter karakter kregen.
Catharinastraat 83 bis

Huis Wijngaerde
In 1614 liet jonker Hendrik van Wijngaerden, die verbonden was aan de hofhouding van de Bredase Nassaus, een huis bouwen. Dit hofhuis heeft een bijzondere opzet: het lijkt om twee verschillende panden te gaan door het verschil in verdiepingshoogten en door een onderbreking in de zandstenen banden in het metselwerk. Dit is echter niet het geval. Het wapen van Van Wijngaerden is terug te zien in enkele oude sluitstenen van de korfbogen boven de vensters. Hierin is een druiventros gebeeldhouwd. De vlakke sluitstenen zijn aangebracht bij de gevelrestauratie van 1901.

In het voormalige Huis Wijngaerde zit vandaag de dag Artilabo gevestigd. Tijdens de tentoonstelling 'Huis' laten de kunstenaars van Artilabo i.s.m. Charlotte Spilt zien hoe hun ideale woonomgeving eruit ziet.
www.artilabo.nl
Catharinastraat 9

't Hofhuys van Van Aalst

Van buiten mag het er misschien tamelijk gewoon uitzien, maar wie de binnenplaats met zijn bogen op zuilen en het traptorentje ziet, zal aangenaam verrast worden
Oorspronkelijk vormden nummer 14 en 16 aan de Catharinastraat gezamenlijk het 'Hofhuys', dat bestond uit een vierkante binnenplaats met eromheen de vertrekken met gewelfjes en traptorentjes. Een van de eerste bewoners zal Ridder Jasper van Sangen zijn geweest. Hij verkocht het pand in 1552 aan Michiel van Piggen, raadsheer van Willem van Oranje.  Het pand werd in de loop der eeuwen verbouwd van renaissancestijl, via classicisme en neoclassicisme, tot in de moderne stijl van de jaren ‘60 (20ste eeuw). Sindsdien is het bedrijf in Oosterse tapijten van PJ van Aalst, dat zich Hofleverancier mag noemen, er gevestigd.

Op de binnenplaats en in de achtertuin is drijvend bloemwerk en objecten te zien, als onderdeel van de examenexpositie 'Hoffelijk Geschikt' van het Prinsentuin College.
Catharinastraat 14

Willem Merkx-tuin

De Willem Merkxtuin is een bijzonder plekje midden in het centrum van Breda. De tuin is gelegen achter de voormalige hofhuizen in de Catharinastraat en is vernoemd naar Willem Merkx, burgemeester van Breda van 1967 tot 1983. Het is een kleine groene oase in het midden van de stad. In de tuin staat een aantal beeldhouwwerken. Vanuit een doorgang achter de volière komt men via het Stadserf (van waaruit ook de Lutherse kerk te bereiken is) bij de achterkant van het stadhuis op de Grote Markt.

In de Willem Merkxtuin is eigentijds rouwwerk van de eindexamententoonstelling 'Hoffelijk Geschikt' van het Prinsentuin College te zien.
Te bereiken via Annastraat of de Catharinastraat

Lutherse schuilkerk

Omstreeks 1435 gebouwd als groot woonhuis. Overleefde de grote stadsbrand van 1534. De eerste lutherse gemeente van Breda - die in 1567 tijdelijk opgeheven werd- ontstond ergens tussen 1556 en 1566. De luthersen hadden het in die tijd niet gemakkelijk, als critici van de leer van de Rooms-Katholieke Kerk. Het was Willem van Oranje, heer van Breda, die een voor luthersen sympathieke beslissing nam door kerkdiensten toe te staan. Pas onder Prins Maurits kregen ze in 1619 vrije prediking, die met de komst van Spanjaarden in 1625 alweer teniet werd gedaan. 
Breda kwam in 1637 weer in handen van de staat en dat leidde tot groei van de lutherse gemeente. In 1641 werd vergroting van het kerkgebouw noodzakelijk vanwege de aanwezigheid van een groot aantal lutherse militairen in de garnizoensstad.
De huidige kerk is gehuisvest in het voormalige patriciërshuis Repos Aillieurs aan de Veemarktstraat. De woorden 'Repos Aillieurs' (Wij zoeken de rust elders) staan momenteel boven de poort aan de Veemarktstraat, die de officiële toegang biedt tot het gebouw. De naam Repos Ailleurs heeft aanleiding gegeven tot de gedachte dat op de plaats van de lutherse kerk de woning van Marnix van Sint Aldegonde zou hebben gestaan. Historisch is echter alleen vast te stellen dat Marnix in 1575 enkele maanden in Breda heeft gewoond. In 1784 werd het gebouw verbouwd tot schuilkerk.

Of het nu gaat om een familiefeest, jubileum, opening, congres, verjaardag of vieringen met een stemmiger karakter als een kerkdienst of begrafenis: bij iedere gelegenheid is een mooie vaas een sfeervol object dat de stemming ondersteunt. 'Stilleven' is een project van Frank van der Linden waarbij kunstenaars en vormgevers uit Brabant grote vazen bewerken met hun eigen persoonlijke signatuur. In de crypte van de Lutherse Kerk zijn vazen te zien van Lilian van Stekelenburg, Lotte van Lieshout, Bram Hermens, Saskia de Maree, Bert Hermens, Jeroen Vrijsen, Theo Kuijpers, Ronals Dees, Marije van der Park en Gijs Pape.
www.vaasotheek.nl
Veemarktstraat 11, of Stadserf 3

Bisschoppelijk paleis

Het is jammer dat we de achterkant van het pand niet kunnen zien. Alleen daar is het 18e eeuwse karakter goed bewaard gebleven. De bisschop woont pas sinds 1872 in dit pand. In de 16e en eerste helft van de 17e eeuw werd het pand bewoond door de familie Montens. De bekendste telg uit dat geslacht is Godevaert Montens, thesauriergeneraal van Prins Maurits. Hij voerde in 1581 de burgers van Breda aan in hun strijd tegen de Spaanse troepen. Bij de ‘Furie van Haultepenne’ lieten 584 Bredanaars het leven.

Op het voorplein van het Bisschoppelijk Paleis is een deel van de expositie ‘Hoffelijk Geschikt’ van het Prinsentuin College te zien
Veemarktstraat 46

Achter Justinus van Nassau

Gabriël van Biest werkte voor Hendrik III van Nassau en was tevens hofmeester van Karel V. Hij coördineerde de bouw van het nieuwe kasteel van Hendrik III en woonde zelf vlakbij, in het huis de Engele of de Engelenburcht. Dat huis aan het Kasteelplein liet hij ingrijpend verbouwen tot een U-vormig gebouw met een traptoren op de binnenplaats. Bij zijn overlijden in 1546 was het huis niet voltooid en moesten er nog rekeningen worden betaald voor onder andere hout en arduinsteen van het traptorentje en het schilderen van twee engelen op het huis door Augustijn den Schilder. Ruim na zijn dood, in 1608, werd het huis verkocht aan Justinus van Nassau, het buitenechtelijk kind van Willem van Oranje, die het huis liet afbreken en vervangen door een heel groot huis, dat bekend staat als 'Het Justinus van Nassau'. Inmiddels zijn er sinds 2000 appartementen in gevestigd.

Op de bovenverdieping aan de Cingelstraat 30 van Communicatiebureau Battery Battery, dat vastgebouwd is aan het Justinus van Nassau,  is het werk van hoedenontwerpster Liesbeth van Well en tassenontwerpster Caroline Muskens te vinden.
Hoofddeksels zijn van alle tijden. Maar in tegenstelling tot vroeger zijn hoeden vandaag de dag vooral een strikt persoonlijke uiting.  De modellen van hoedenontwerpster Van Well zijn soms barok, soms strak. Modern of juist weer heel klassiek; ze zijn stuk voor stuk origineel.
De tassen van LIEFSLIEN, van ontwerper Caroline Muskens, zijn prachtig gemaakt en van een uitmuntende vakmanschap. Met liefde en oog voor detail, met elk een eigen karakter, zijn de unieke tassen een lust voor het oog. Wie kan na het zien van deze tassen nog zonder?
www.liefslien.nl
www.vanwell.nl
Kasteelplein, bezoeken Cingelstraat 30

Voormalige Vishal

De haven van Breda bestond aanvankelijk uit een los- en ligplaats op het einde van de Vismarktstraat. Tussen 1552 en 1563 construeerden aannemers aan de oostzijde van de Mark en bovenstrooms een solide kademuur. De vishal ligt bij de Haven niet ver van het Spanjaardsgat. Via de rivier de Mark  werd vis, koren, wijn en bier aangevoerd naar de haven. Vanaf 1252 breidde de stad Breda rond deze hoogte uit. Er legden schepen aan in de haven. Met een havenkraan vanaf 1397 werd de lading op de kade gezet. De havenkraan stond op de kade voor het waaggebouw. Op de plaats van de vishal was een huis met de naam 'Het Paradijs'. De gemeente kocht het huis en brak het af zodat er rond 1500 de eerste vishal kwam. Daarna werd naast de vishal een 'Indhuys' gebouwd dat gebruikt werd door 6 keurmeesters. Indgeld werd betaald voor de opslag van afgeslagen vis. Het Indhuis was tevens gildehuis voor het Gilde Binnenvoerlieden die zorgden voor de distributie van de vis. Later werd het gebruikt door het Gilde der Nachtwakers.

In het voorste deel van de oude Vismarkt is een deel van de eindexamententoonstelling 'Hoffelijk Geschikt' van het Prinsentuin College te zien. Je kunt hier bruidswerk en bijzondere wanddecoraties bezichtigen
Haven 21